Huis te Zaanen

Haarlem

Je zal maar op zo een prachtige plek wonen en werken! In het prachtige Huis te Zaanen, midden in het Zaanenbos, bevinden zich thans op de bovenetage twee woningen. De begane grond wordt momenteel gebruikt als vergader- en trainingsruimte.

Geschiedenis
Er moet al heel lang een Heerlijckheid Zaanen op de plek van Huis te Zaanen hebben gestaan. Want er is bewijs te vinden dat het is vernield in 1296. Vele jaren later kwam de Heerlijckheid weer in handen van het geslacht Zaanen, één van de oudste en aanzienlijkste geslachten van Holland.
In 1881 kocht de heer A.A. Bredius, directeur van de buskruitfabriek “Muiden” het “Huis te Zaanen” voor 53.500 gulden voor zijn zoon C.J.A. Bredius. Het landgoed stond bekend als “de tuinen van Bredius”.
Vele Haarlemmers bewaren dierbare herinneringen aan Huis te Zaanen, dat van 1930 tot 1988 dienst deed als bibliotheek.

Huidige bestemming
De huidige functie van Huis te Zaanen als vergader- en trainingsruimte heeft zijn wortels in het verleden. De heer Bredius verkocht zijn landgoed aan de gemeente Schoten, onder de voorwaarde, dat het een nuttige, educatieve bestemming zou krijgen. Aan die voorwaarde wordt dus nog steeds voldaan. 

Landgoed

Typering
goed bewaard

Landhuis met bijgebouwen, tuin en park, dat is gesticht om voor kortere of langere tijd op het platteland te vertoeven. De stichting had tot doel te dienen als statussymbool.

Klik hier voor meer informatie

Een Engelse tuin is een landschapstuin, die in de mode kwam in de tweede helft van de achttiende eeuw en het begin van de negentiende eeuw. Het concept leunt op de voorstelling van romantische, parkachtige landschappen met verrassende doorkijkjes. In de praktijk wordt dit doorgaans gestalte gegeven door de aanleg van grasvelden, liefst op heuvelachtig terrein, omgeven door en afgewisseld met boomgroepen.

Een Franse tuin (Jardin à la Française) of baroktuin is een formele tuin die is aangelegd in een Franse stijl, naar model van de Italiaanse renaissance-tuin.

Klik hier voor meer informatie

Vanouds'buitenplaats', perceel, vaak gebruikt voor riddermatig goed, buitenhuis.

Gemetselde kelder, afgesloten door een bakstenen gewelf en overdekt met een dikke laag aarde, zodat een heuvel ontstond. In de ijskelder werden op buitenplaatsen stukken natuurijs opgeslagen die 's winters uit vijvers waren gehakt en 's zomers voor koeling werden gebruikt.

Bijgebouw van buitenplaats of groot stadshuis, waarin koetsen en paarden werden ondergebracht. Vaak woonde er ook personeel in.

Een landgoed is een gebied van meerdere hectares, met landerijen en tuinen en waar een buitenplaats, landhuis, een grote boerderij, kerk of kasteel op voorkomt.

Klik hier voor meer informatie

Aangelegde tuinen die bedoeld waren voor de teelt en bewaring van groenten en fruit voor jaarrond gebruik,

Plantenkas of serre, oorspronkelijk een langwerpig ondiep gebouw voor het onderbrengen van oranjebomen, algemeen broeikas voor tropische gewassen.

Bossen met het produceren van hout als voornaamste doel.

Fruitmuur van een halve steen dik op doorgaande golvende of slingerende plattegrond, bestaande uit regelmatig elkaar afwisselende cirkelsegmenten. De golvende vorm geeft stevigheid aan de dunne muur en vormt aan de zuidzijde beschutte warme plaatsen, waar kwetsbare lei- en klimgewassen kunnen groeien.

Tuinhuis waar men thee en andere dranken nuttig, vooral op buitenplaatsen in de omliggend thuin (veelal aan het water) gesitueerd.