Landgoed Berkenrode

Heemstede

Het landhuis staat, zoals eerder gezegd, op het landgoed Berkenrode, ook wel ‘Heerlijkheid Berkenrode‘ genoemd. De historische buitenplaats Berkenrode bestaat uit het landhuis, park- en tuinaanleg, voormalig koetshuis, tuinderswoning, boogbrug, ensemble van moestuin, tuinmuur en kas, voormalig badhuisje en paardengraf. Langs de Herenweg staan de dienstwoningen (nummer 117 tot 125) en de ingangspartij met de koepel en poort vormen de entree van het landgoed Berkenrode.

Huidige functie
Landgoed Berkenrode wordt momenteel verhuurd als kantoorpand. 

Historie
Landgoed Berkenrode kent een rijke geschiedenis meet een eerste vermelding van het landhuis in een bron uit 1451. Van 1636 tot 1797 is het landgoed in bezit van velen geweest. Het is gesloopt, vernieuwd, herbouwd. Het is opgesplitst geweest in landgoed Brederode en buitenplaats Westerhof, het is weer samengevoegd. Totdat Jan Peter van wickvoor Crommelin het (weer samengevoegde) landgoed kocht en het maakte tot het landgoed wat we nu ook kennen.
Tot na de tweede wereldoorlog bleef het landgoed in particulier bezit. 1945 werd het een kantoor. 

Landhuis met bijgebouwen, tuin en park, dat is gesticht om voor kortere of langere tijd op het platteland te vertoeven. De stichting had tot doel te dienen als statussymbool.

Klik hier voor meer informatie

Een Engelse tuin is een landschapstuin, die in de mode kwam in de tweede helft van de achttiende eeuw en het begin van de negentiende eeuw. Het concept leunt op de voorstelling van romantische, parkachtige landschappen met verrassende doorkijkjes. In de praktijk wordt dit doorgaans gestalte gegeven door de aanleg van grasvelden, liefst op heuvelachtig terrein, omgeven door en afgewisseld met boomgroepen.

Een Franse tuin (Jardin à la Française) of baroktuin is een formele tuin die is aangelegd in een Franse stijl, naar model van de Italiaanse renaissance-tuin.

Klik hier voor meer informatie

Vanouds'buitenplaats', perceel, vaak gebruikt voor riddermatig goed, buitenhuis.

Gemetselde kelder, afgesloten door een bakstenen gewelf en overdekt met een dikke laag aarde, zodat een heuvel ontstond. In de ijskelder werden op buitenplaatsen stukken natuurijs opgeslagen die 's winters uit vijvers waren gehakt en 's zomers voor koeling werden gebruikt.

Bijgebouw van buitenplaats of groot stadshuis, waarin koetsen en paarden werden ondergebracht. Vaak woonde er ook personeel in.

Een landgoed is een gebied van meerdere hectares, met landerijen en tuinen en waar een buitenplaats, landhuis, een grote boerderij, kerk of kasteel op voorkomt.

Klik hier voor meer informatie

Aangelegde tuinen die bedoeld waren voor de teelt en bewaring van groenten en fruit voor jaarrond gebruik,

Plantenkas of serre, oorspronkelijk een langwerpig ondiep gebouw voor het onderbrengen van oranjebomen, algemeen broeikas voor tropische gewassen.

Bossen met het produceren van hout als voornaamste doel.

Fruitmuur van een halve steen dik op doorgaande golvende of slingerende plattegrond, bestaande uit regelmatig elkaar afwisselende cirkelsegmenten. De golvende vorm geeft stevigheid aan de dunne muur en vormt aan de zuidzijde beschutte warme plaatsen, waar kwetsbare lei- en klimgewassen kunnen groeien.

Tuinhuis waar men thee en andere dranken nuttig, vooral op buitenplaatsen in de omliggend thuin (veelal aan het water) gesitueerd.