Paviljoen Welgelegen

Haarlem

Het Provinciehuis van Noord-Holland, Paviljoen Welgelegen
Het huidige rijksmonumentale provinciehuis van Noord-Holland ligt ingebouwd tussen kantoorgebouwen en woningen, met aan de achterzijde stadspark de Haarlemmer Hout. Eens heette dit Paviljoen Welgelegen (en lag dat ook) en was gebouwd in opdracht van de bankier Henry Hope.

Familie Hope
De familie Hope komt oorspronkelijk uit Schotland en start in de zeventiende eeuw een handelshuis in Rotterdam, dat later verplaatst wordt naar Amsterdam. Het handelshuis bloeit in de zeventiende eeuw en wordt in de achttiende eeuw omgevormd tot bank. Henry Hope is één van de eigenaren van Hope & Co. Henry Hope koopt de buitenplaats Welgelegen in 1769. Enkele jaren later benadert Hope het stadsbestuur van Haarlem met zijn plannen voor de bouw van Paviljoen Welgelegen. In 1786 wordt begonnen met de bouw van Paviljoen Welgelegen. Er wordt een tuinkoepel gebouwd en het stalgebouw wordt uitgebreid. Acht jaar later wordt de bouw afgerond.

Na Henry Hope
Na de komst van de Fransen en het vertrek van de Prins van Oranje vlucht Henry Hope in 1794 naar Engeland. In 1808 koopt Lodewijk Napoleon, broer van de Franse keizer, voor 300.000,- gulden het paviljoen van John Hope, de aangenomen zoon van Henry Hope. In 1810 treedt Lodewijk Napoleon onder druk van zijn broer af als koning van Nederland en hij verlaat het paleis. Welgelegen wordt in 1814 in bruikleen gegeven aan Wilhelmina van Pruisen, moeder van Koning Willem I. Na haar overlijden wordt Welgelegen gebruikt als Kunstnijverheidsmuseum. In 1926 wordt Paviljoen Welgelegen verbouwt tot Provinciehuis van Noord-Holland. 

Exposities 

  • Er zijn diverse tijdelijke exposities op het gebied van hedendaagse beeldende kunst.
  • De tentoonstelling Welkom in Welgelegen gaat dieper in op het Paviljoen en zijn bewoners. Ook kunt u via video een kijkje nemen achter de schermen van de restauratie. 

Landgoed

Typering
goed bewaard

Landhuis met bijgebouwen, tuin en park, dat is gesticht om voor kortere of langere tijd op het platteland te vertoeven. De stichting had tot doel te dienen als statussymbool.

Klik hier voor meer informatie

Een Engelse tuin is een landschapstuin, die in de mode kwam in de tweede helft van de achttiende eeuw en het begin van de negentiende eeuw. Het concept leunt op de voorstelling van romantische, parkachtige landschappen met verrassende doorkijkjes. In de praktijk wordt dit doorgaans gestalte gegeven door de aanleg van grasvelden, liefst op heuvelachtig terrein, omgeven door en afgewisseld met boomgroepen.

Een Franse tuin (Jardin à la Française) of baroktuin is een formele tuin die is aangelegd in een Franse stijl, naar model van de Italiaanse renaissance-tuin.

Klik hier voor meer informatie

Vanouds'buitenplaats', perceel, vaak gebruikt voor riddermatig goed, buitenhuis.

Gemetselde kelder, afgesloten door een bakstenen gewelf en overdekt met een dikke laag aarde, zodat een heuvel ontstond. In de ijskelder werden op buitenplaatsen stukken natuurijs opgeslagen die 's winters uit vijvers waren gehakt en 's zomers voor koeling werden gebruikt.

Bijgebouw van buitenplaats of groot stadshuis, waarin koetsen en paarden werden ondergebracht. Vaak woonde er ook personeel in.

Een landgoed is een gebied van meerdere hectares, met landerijen en tuinen en waar een buitenplaats, landhuis, een grote boerderij, kerk of kasteel op voorkomt.

Klik hier voor meer informatie

Aangelegde tuinen die bedoeld waren voor de teelt en bewaring van groenten en fruit voor jaarrond gebruik,

Plantenkas of serre, oorspronkelijk een langwerpig ondiep gebouw voor het onderbrengen van oranjebomen, algemeen broeikas voor tropische gewassen.

Bossen met het produceren van hout als voornaamste doel.

Fruitmuur van een halve steen dik op doorgaande golvende of slingerende plattegrond, bestaande uit regelmatig elkaar afwisselende cirkelsegmenten. De golvende vorm geeft stevigheid aan de dunne muur en vormt aan de zuidzijde beschutte warme plaatsen, waar kwetsbare lei- en klimgewassen kunnen groeien.

Tuinhuis waar men thee en andere dranken nuttig, vooral op buitenplaatsen in de omliggend thuin (veelal aan het water) gesitueerd.