Herziene uitgave boek 'De Amsterdamse buitenplaatsen'

25 oktober 2017

Over de prachtige buitenplaatsen rondom Amsterdam verscheen eind 2015 het boek De Amsterdamse Buitenplaatsen, een vergeten stadsgeschiedenis van de hand van kunsthistoricus René W.Chr. Dessing. Gezien de grote belangstelling voor dit boek verschijnt een herziene uitgave. De uitgave is mogelijk gemaakt door een bijdrage van de provincie Noord-Holland. Uitgever is Kantoor Verschoor - via de website is een aantal pagina's te lezen en kunt u het boek bestellen (prijs € 19,95). 

Rond en zelfs in Amsterdam liggen talrijke buitenplaatsen. Die zijn tussen de 17de en 20ste eeuw gesticht door vooral Amsterdamse kooplieden en regenten om er in de zomer te genieten van het buitenleven. De meeste buitenplaatsen zijn te vinden in Kennemerland en ’s Graveland, maar ook langs de Vecht, Angstel en Amstel en in het Gooi. Denk aan Beeckestijn in Velsen, Elswout bij Haarlem, Frankendael in Amsterdam, Nijenrode langs de Vecht of Schaep en Burgh in
’s Graveland.

In De Amsterdamse buitenplaatsen brengt kunsthistoricus René Dessing deze rijke lustoorden van weleer opnieuw tot leven, legt hun verbanden met Amsterdam bloot en nodigt de lezer uit ze te bezoeken. Het boek geeft een helder overzicht van de circa zestig overgebleven buitenplaatsen die vanuit Amsterdam zijn ontstaan en aangelegd. Samen bieden ze meeslepende verhalen over rijkdom, macht, architectuur- en tuingeschiedenis, maar ook over ziekte en dood, faillissementen en oorlogsgeweld.

Daarnaast bevat dit boek informatie over wat je op de buitenplaatsen kunt zien en doen. Sommige zijn als museum toegankelijk, bij andere kun je heerlijk wandelen en weer andere organiseren activiteiten, van natuur- en tuinexcursies tot concerten en cursussen voor kinderen. En op een flink aantal kun je zelfs trouwen en feesten.

Landhuis met bijgebouwen, tuin en park, dat is gesticht om voor kortere of langere tijd op het platteland te vertoeven. De stichting had tot doel te dienen als statussymbool.

Klik hier voor meer informatie

Een Engelse tuin is een landschapstuin, die in de mode kwam in de tweede helft van de achttiende eeuw en het begin van de negentiende eeuw. Het concept leunt op de voorstelling van romantische, parkachtige landschappen met verrassende doorkijkjes. In de praktijk wordt dit doorgaans gestalte gegeven door de aanleg van grasvelden, liefst op heuvelachtig terrein, omgeven door en afgewisseld met boomgroepen.

Een Franse tuin (Jardin à la Française) of baroktuin is een formele tuin die is aangelegd in een Franse stijl, naar model van de Italiaanse renaissance-tuin.

Klik hier voor meer informatie

Vanouds'buitenplaats', perceel, vaak gebruikt voor riddermatig goed, buitenhuis.

Gemetselde kelder, afgesloten door een bakstenen gewelf en overdekt met een dikke laag aarde, zodat een heuvel ontstond. In de ijskelder werden op buitenplaatsen stukken natuurijs opgeslagen die 's winters uit vijvers waren gehakt en 's zomers voor koeling werden gebruikt.

Bijgebouw van buitenplaats of groot stadshuis, waarin koetsen en paarden werden ondergebracht. Vaak woonde er ook personeel in.

Een landgoed is een gebied van meerdere hectares, met landerijen en tuinen en waar een buitenplaats, landhuis, een grote boerderij, kerk of kasteel op voorkomt.

Klik hier voor meer informatie

Aangelegde tuinen die bedoeld waren voor de teelt en bewaring van groenten en fruit voor jaarrond gebruik,

Plantenkas of serre, oorspronkelijk een langwerpig ondiep gebouw voor het onderbrengen van oranjebomen, algemeen broeikas voor tropische gewassen.

Bossen met het produceren van hout als voornaamste doel.

Fruitmuur van een halve steen dik op doorgaande golvende of slingerende plattegrond, bestaande uit regelmatig elkaar afwisselende cirkelsegmenten. De golvende vorm geeft stevigheid aan de dunne muur en vormt aan de zuidzijde beschutte warme plaatsen, waar kwetsbare lei- en klimgewassen kunnen groeien.

Tuinhuis waar men thee en andere dranken nuttig, vooral op buitenplaatsen in de omliggend thuin (veelal aan het water) gesitueerd.